Topstukken

Het museum heeft veel prachtige voorwerpen die niet altijd ‘gezien’ worden door de bezoekers. We vroegen aan onze vrijwillige medewerkers, die veel vaker in het museum zijn, hun favoriete museumstuk te kiezen.

De Sjees

Het topstuk van Ton Mersch

Ton Mersch is al 12 jaar vrijwilliger in het Visserijmuseum en het Museum Vlaardingen. Daarnaast heeft Ton een brede interesse in archeologie in het algemeen en vanuit die interesse is hij ook vrijwilliger van de archeologische werkgroep Helinium. Kortom een man die weet welke historische objecten in Museum Vlaardingen tentoongesteld worden en wat de verhalen daarachter zijn. En juist die verhalen vindt Ton erg belangrijk.

Oud hout en stukken steen
Ton: “De museumbezoeker wordt getriggerd door de verhalen die bij de voorwerpen horen. Twee stukken oud hout worden dan opeens een klepduiker, die onze voorvaderen ingenieus hebben uitgedacht om het water te beheersen. Een stuk steen wordt dan een stuk gereedschap wat de slimme Vlaardingers ontworpen hebben om het leven te vergemakkelijken en een koets wordt dan zomaar een sjees waarmee de koninginnenharing vervoerd werd.“

Vanuit alle objecten kiest Ton de sjees uit als topstuk van Museum Vlaardingen. Het verhaal hierbij is dat de loggers na Vlaggetjesdag naar zee gingen om, vaak onder barre omstandigheden, het goud uit het water te vissen. Na de vangst van de eerste nieuwe haring werden door de reder enkele vaatjes gereserveerd voor de koninklijke familie. Deze kantjes werden in een mand onder de sjees gehangen waarna de schipper, reder en burgemeester in het zondagse pak op pad gingen naar het paleis. Daar maakten zij hun opwachting bij de koninklijke familie en boden daar tot groot vorstelijk genoegen de nieuwe haring aan. De eer van het aanbieden van de koninginnenharing was aanvankelijk een Vlaardingse traditie waarbij twee of drie oranje vaatjes werden aangeboden. Na 1956 werd het een wedstrijd tussen de vissersplaatsen waar de eerste haring aan land werd gebracht en dus aan de koningin mocht aanbieden. Deze jaarlijkse traditie werd in de regeerperiode van koningin Beatrix afgeschaft.

Er bestaan twee krantenberichten uit 1833 en 1883 waarin verslag wordt gedaan dat de nieuwe haring vanuit Vlaardingen ‘in vliegende vaart’ per haringsjees aan de koning wordt aangeboden. Toen nog in Den Haag, waardoor de reistijd een stuk korter was. In Museum Vlaardingen wordt op de plaats waar de haringsjees een prominente plaats inneemt een filmpje vertoond waarin de sjees, beladen met twee vaatjes, op weg gaat vanuit Vlaardingen. In de 20ste eeuw werd het vervoer van de koninginnenharing met een auto uitgevoerd. De sjees werd hierdoor een mooi museaal pronkstuk. Dit verhaal onderschrijft dat de sjees terecht een prima topstuk van Museum Vlaardingen is.